zaterdag, december 13, 2025

Mojocheck

 En dan is het seizoen opeens al weer hard onderweg naar de helft. Sinds er geen Haarlemse Basketball Week meer is, zullen we het de dagen rond Kerstmis en Oud en Nieuw met de beelden van elders op de wereld moeten doen. Maar voor die tijd is het nog even een waterval van wedstrijden.

Donar proeft aan het echte profbestaan. Zes wedstrijden in een ritme van om de andere dag. Laat dan die HBW inderdaad maar zitten. We zien niet alleen bankspelers wat meer in het veld, ook de fysiotherapeuten/ hersteltrainers maken al zoveel uren dat ze elkaar afwisselen en ook de vrijwilligers rondom de club mogen af en toe even ‘oetpoesten’ . Zag ik nou zelfs ook bij de time-out dansers wat wisselspelers aan de bak? 

Het voelt wel stoer dat er ondanks de tijd van het jaar en ondanks de overvloed aan wedstrijden nog elke keer zo’n sfeertje ontstaat. Dat kan de organisatie in z’n geheel toch maar mooi in de zak steken. Maar nu is het ook tijd om eens te gaan zitten voor de spelers en het team. 


De formatie is, zou je kunnen zeggen, behoorlijk verlopen. Informateurs en formateurs hebben hun ogen en oren goed de kost gegeven en een aantal individueel heel fatsoenlijke spelers bij elkaar gebracht. De spelers lijken het bovendien goed met elkaar te kunnen vinden, te weten wat ze aan elkaar hebben en elkaar wat te gunnen. Zonder al te veel storm lijkt de norm te zijn aanvaard en begint er echt iets van een ploeg te ontstaan. Dik honderd dagen is de ploeg nu onderweg en dat is meestal zo’n moment om eens te kijken hoe de Mojo er bij staat. 


Mojo is eigenlijk gewoon “hoe je het als team doet”. Maar het is ook veel meer dan dat: het is ook hoe dat voelt en ook de uitstraling en energie die ervan uit gaat. Er zijn globaal 4 factoren die de Mojo samen bepalen. 

In de eerste plaats ieders individuele inbreng in vorm van ervaring, competenties, cultuur, persoonlijke eigenschappen. Net zo belangrijk is de reputatie van het geheel. “Donar is…”  Daarin spelen ook aspecten een rol als het bestuur, de cultuur en geschiedenis van de club, het draagvlak van Stad en Ommelaand misschien wel. Als derde, niet onbelangrijke aspect, moet uiteraard de directe gevolgen van de resultaten worden genoemd. Goede resultaten geven zelfvertrouwen aan de individuele spelers, vergroten de reputatie van de club en leiden ook weer direct tot voorwaarden voor nog betere resultaten. 

Wat dat betreft is dit een heel belangrijke tijd. Een paar mooie overwinningen tegen mooie clubs kunnen nu een prachtige groei in de Mojo teweeg brengen. Het Kerstreces ingaan met een paar verliespotten daarentegen, maakt het geheel misschien weer een stuk brozer.


Maar ik had het vierde aspect van de Mojo nog niet genoemd. Zonder acceptatie kun je geen gezonde Mojo in stand houden. Verliezen betekent niet dat je reputatie ook te grabbel ligt, of dat je individuele spelers opeens niks meer kunnen. Het blijft een spelletje. Een leuk spelletje, het leukste spel van de wereld ook, zeker. Winnen is fijn en goed en het geeft energie en dat zie je ook. En we doen er alles wat er in onze Mojo ligt voor, maar soms win je en soms leer je. En beide helpt.



zaterdag, december 06, 2025

Verstoring



Na een periode van betrekkelijke rust met veel interlands gaan de competities weer door.

Wie veel betaalt, kan eisen stellen. NBA ploegen en ook de meeste Euroleague-organisaties kunnen zich permitteren hun spelers thuis te houden voor de kwalificatiewedstrijden. 

Nou speelt de NBA ook gewoon door tussen alle kwalificaties en in het Americup-team speelt wel een  ‘Stockton’  (inderdaad: een kleine, tanige pointguard met goede genen) maar verder is er geen connectie met de grote Amerikaanse profcompetitie. USA wint daar met G-leaguers, die gemist kunnen worden.

Dat is anders voor ‘gewone’ clubs in Europa. Die staan, al dan niet graag, spelers af aan nationale teams, waardoor de competities ook een beetje stil gelegen hebben. En de rest van het team? Dat blijft trainen en je kunt natuurlijk aannemen dat ze met z’n allen naar de wedstrijden van hun teamies hebben gekeken. En dan komen die weer terug.

Wat betekent zoiets voor je proces? Gezien het feit dat bovengenoemde kapitaalkrachtige clubs hun team-systemen gesloten willen houden, zou je kunnen aannemen dat ze daar denken dat zo’n tijdelijke duiventil slecht uit gaat pakken. Dat is echter een kwestie van perspectief. Het grootkapitaal is misschien gericht op de korte termijn en daarmee op de kwaliteiten van spelers - en combinaties van spelers - zoals die er nu zijn. Dit ‘spelerskapitaal’ moet leveren. De mindset is fixed en gericht op dit seizoen. 

Een ‘middenstands-organisatie’ als Donar is een kleinere onderneming en daar is het bouwen aan een toekomst een van de pijlers en dus zijn ontwikkeling en opleiding essentieel. De verleiding is misschien groot om (alvast) grootkapitalistisch te denken, maar dat zou een vergissing zijn. Om iets (meer) te blijven betekenen in de toekomst, op de lange termijn dus, heeft Donar een ‘growth-mindset’ nodig, om maar in die terminologie te blijven. 

Directies en coaches die hun spelers alleen binnen het eigen systeem willen verbeteren, ervaren zo’n uitwisseling met nationale teams vooral als verstoring. Spelers hebben andere rollen gekregen in een andere setting, hebben hun vaste aangevers gemist en met andere een relatie opgebouwd. Bovendien heeft de rest van het team ook een groei doorgemaakt. Kortom: business as usual is niet vanzelfsprekend en er is zeker sprake van een verstoring van het proces. Maar dan is het ook goed om te beseffen wat eigenlijk de definitie van Training is, namelijk: “Het verstoren van een evenwicht en wachten op herstel”. 

Het voorbeeld is nu natuurlijk de interlandactiviteiten van een paar spelers. Het geldt echter voor voor elke andere setting, die spelers meemaken. Ook voor U19 en voor de jongens die in de promotiedivisie bij Groene Uilen trainen en spelen. Ook dat is een heel andere setting met heel andere rollen. 

De patronen in de hersenpannen worden niet alleen dieper en specifieker, maar ook wijder en aanpasbaarder. Donar zet ook hiermee in op de langere termijn. Het overzicht op al die ontwikkelingen, het inzicht om bij te sturen en de wijsheid  om dingen te laten gebeuren, is uiteraard geen kattenpis. Er komt weer een boel aan waarin we kunnen bekijken hoe het uitpakt, op korte- en op lange termijn, met dat herstel. Mijn stelling: Liever prettig gestoord dan helemaal niet gestoord.