Het thema was driehoekjes maar we hadden nog wat vierkante handen, bij het begin van de eerste wedstrijd van het seizoen, afgelopen zaterdagavond in Peize. De tegenstander ook, maar die kregen na vier minuten voor het eerst een vrije worp door de ring en bij ons duurde het nog iets langer tot Toya het deksel van de andere ring schoot.
En meteen was er ook geen sprake meer van houten passes en stenen vangsten. Drives flitsten door het midden, soms soepel afgemaakt en soms beëindigd met een fraaie dish.
Laten we de eerste minuten gewoon maar niet meerekenen, dan hadden we heel weinig balverlies. De hele bak cliché's kan wel omgekieperd: we zagen elkaar goed staan, de ploeg "stond" zelf ook goed, passes hadden een goede boodschap, enzovoort.
Balans en ruimte kan nog wat beter maar ik denk dat we allemaal in ons hoofd een goed gevoel hadden. Helaas niet in Femke's knie. De pijn daarin werd wat gekoeld ("Chill") door de 25 punten die de dame liet aantekenen.
Eeva Aanwinst was steeds al eerste voor en heel goed met links. (10 punten) Marjo sneed met groot gemak en veel plezier door de nog steeds emmervormige bucket voor 13 punten, Toya was echt bezig als aanvoerster/spelverdeler en Marlies, onze center in het lichaam van een guard, was vooral dichtbij de basket erg goed op dreef.
En dan hebben we het nog alleen maar over de aanval maar ook in de verdediging stonden de moessies hun mannetje. Nog zonder zonepress slaagden we er toch in om erg veel druk uit te oefenen en in het sprokkelwerk aan steals dat dat opleverde toonden ook de andere zusjes van de familie Aanwinst (Denise Aanwinst en Lycke Aanwinst) zich van hun beste kant met stapels steals en rebounds.
Een mooie regelmatige overwinning was het met in vrijwel elk kwart de gewenste 15 punten minimaal. 22-63. Daar kunnen we mee verder.
Ervaringenbank van Kaj Reker, o.a. basketballcoach. MOJO, NOJO, Ubuntu En wat verder voorbijkomt.
dinsdag, september 28, 2010
maandag, september 20, 2010
Een woord met twee LL en
Nog even dit: De sport basketball schrijf je met twee en het lekkere ding dat je in je handen houdt met 1. We hebben het toch ook niet over American Footbal? Of Basebal?
Of Korfbal? O dat weer wel. Nou ja.
Of Korfbal? O dat weer wel. Nou ja.
UMCG?
Nee, ik hoef niet meteen weer naar het Ziekenhuis. De titel heeft te maken met de zorgen omtrent de Studentenbasketballclubs in Stad. Beide clubs hebben "versterking nodig" en vragen extra dispensatiekaarten om het eigen niveau in stand te houden.
Dat is niet zo mooi want daar zijn de bestaande dispenstaieregelingen al voor. Zijn we niet aantrekkelijk genoeg meer voor de elders ballende studenten? Kunnen we niet langer genoeg power op de been brengen uit eigen opleiding?
Nou van alles wat, denk ik. Persoonlijk denk ik, dat het studentenbasketball een status aparte innam, door de wisselwerking tussen een paar vaste coaches, die ook betrokken waren bij het runnen van de verenigingen op langere termijn en redelijk op continuiteit gebaseerde besturen.
De kaalslag in het hoger onderwijs staat studenten nauwelijks nog toe om langer dan 1jaar aan het roer van een club te blijven en de studenten die wel wat willen staan nu zelf twee keer in de week voor een groep het coachvak te leren. Niets ten nadele van de verenigingstrainers, de besturen en de dispensatiekaarthouders zelf natuurlijk. Misschien zou het studentenbasketball zich ook nog goed redden als de landelijke tendens wat beter was maar we weten natuurlijk allemaal dat er sinds 1980 geen groei meer in het ledenbestand zit, hoeveel beleidsmedewerkers en projecten er ook mee bezig zijn. Ten slotte zijn de clubs binnen de ACLO ook nog aan de kleine kant en daarom wordt het gepiep ook onvoldoende gehoord.
Uilen en Moesies in last, dus gaan ook voorzichtig weer stemmen op, om de samenwerking te laten culmineren in een fusie. De belangrijkste reden waarom die samenwerking suboptimaal blijft is immers de gehechtheid aan de kleur groen of zwart.
UMCG lijkt me een mooie naam waarin beide clubs iets van zichzelf kunnen herkennen:
Uilen Moestasj Combinatie Groningen. Ook promotioneel het proberen waard?
Dat is niet zo mooi want daar zijn de bestaande dispenstaieregelingen al voor. Zijn we niet aantrekkelijk genoeg meer voor de elders ballende studenten? Kunnen we niet langer genoeg power op de been brengen uit eigen opleiding?
Nou van alles wat, denk ik. Persoonlijk denk ik, dat het studentenbasketball een status aparte innam, door de wisselwerking tussen een paar vaste coaches, die ook betrokken waren bij het runnen van de verenigingen op langere termijn en redelijk op continuiteit gebaseerde besturen.
De kaalslag in het hoger onderwijs staat studenten nauwelijks nog toe om langer dan 1jaar aan het roer van een club te blijven en de studenten die wel wat willen staan nu zelf twee keer in de week voor een groep het coachvak te leren. Niets ten nadele van de verenigingstrainers, de besturen en de dispensatiekaarthouders zelf natuurlijk. Misschien zou het studentenbasketball zich ook nog goed redden als de landelijke tendens wat beter was maar we weten natuurlijk allemaal dat er sinds 1980 geen groei meer in het ledenbestand zit, hoeveel beleidsmedewerkers en projecten er ook mee bezig zijn. Ten slotte zijn de clubs binnen de ACLO ook nog aan de kleine kant en daarom wordt het gepiep ook onvoldoende gehoord.
Uilen en Moesies in last, dus gaan ook voorzichtig weer stemmen op, om de samenwerking te laten culmineren in een fusie. De belangrijkste reden waarom die samenwerking suboptimaal blijft is immers de gehechtheid aan de kleur groen of zwart.
UMCG lijkt me een mooie naam waarin beide clubs iets van zichzelf kunnen herkennen:
Uilen Moestasj Combinatie Groningen. Ook promotioneel het proberen waard?
woensdag, juli 21, 2010
Buitenspel
Dat moet ik nog wel even kwijt: a. ik houd niet van voetbal maar b. ik heb me wel aardig vermaakt met alles er omheen en c. ik ben natuurlijk wel geinteresseerd in het teamproces. Eerst a: ik houd niet van voetbal omdat ik het meestal saai vind en erg overschat als sport, met name in Nederland. Verbeteringen als het afschaffen van buitenspel en het inzetten van moderne media voor definitieve beslissingen worden met een lachje afgedaan. Er wordt een voetbalacademie opgestart omdat “mensen van buiten de sport” toch echt onvoldoende verstand van bewegingsleer, conditie, analyse en teamprocessen hebben. Men vindt het heel gewoon dat de gezonde en goed getrainde sporters 5 dagen tussen de wedstrijden moeten rusten wat wordt gerechtvaardigd door het feit dat men op noppen speelt. En niet in de laatste plaats domweg omdat men het over “het WK” heeft zonder de tak van sport te noemen.
b. het was wel een vermakelijk WK voetbal. Sporadisch kon je het nog wel ergens anders over hebben maar in de kantlijn is toch door alle eenheidsgevoelens, zelfs bijna een kabinet gevormd. Iedereen had er ook wel iets over te melden, leek het. Het telefoontje ‘s avonds van Jan Mulder vanuit Oost Groningen naar de bondscoach was van literair niveau. En zelfs ik, zei de gekke basketballcoach begon dingen in het voetbal te herkennen. Waar de regelgevers niet met de tijd meegingen, gaan spelers en trainers dat wel. Corners en vrije schoppen deden sterk denken aan out of bounds spelletjes en ook verder zag ik wel wat screen-activiteit.
En dan C. dat teamproces. Er is toch te merken dat er iemand als Jorritsma naast de coaches op de bank zit en dat er wat aan bewustwording over de invulling van de rollen binnen het team is gedaan. De spelers waren gemotiveerd, hadden enige betekenis toegekend aan het begrip focussen en waren oplossingsgericht bezig. Van Bommel deed vooral wat hij volgens van Basten niet kon, Sneijder keek om zich heen en Mathijssen en van Bronckhorst konden uitgroeien tot de steunpilaren van het team. Het ging boven verwachting.
En wat wou ik nou nog vertellen....dat ging over de finale en ik heb niemand er nog over gehoord. Er gebeurde aan het eind iets wat in mijn nabespreking tot grote ophef zou hebben geleid: Gio was eruit. Kan. Kramp door die noppen waarschijnlijk. Een beetje tot mijn verbazing was de aanvoerdersband overgegaan om de arm van van der Vaart. Tegen het eind van de verrlenging (nog 0-0) kwam er een vrije trap voor Nederland in niet zo’n heel gekke positie. De bal werd met een boogje naar Oranje’s aanvoerder geworpen maar voor die hem kon vangen dook Sneijder met een katachtige sprong voor hem langs voor een levensechte steal. Vd Vaart was een beetje verbaasd. Vervolgens kwam van Persie van voren aanlopen om uitvoerig met Sneijder te overleggen. Beide toppers stonden daarbij met de rug naar vd Vaart, hem nadrukkelijk negerend. De arme invaller stond volledig buitenspel en moet gedacht hebben dat er in zijn afwezigheid toch wel iets in de ploeghierarchie was veranderd.
Zo'n actie druist in tegen alles wat Ubuntu is en ik beschouwde dat moment als illustratie van de totale desintegratie van het zorgvuldig beleden teamgevoel. Het kwam zo flagrant op mij over, dat ik moet bekennen dat het vervolg niet zo tot me doordrong. Niet eens wat er met die vrije trap gebeurde en nauwelijks dat dezelfde vd Vaart te laat naar voren stapte om de goal van Spanje in de volgende aanval buitenspel te laten zijn.
En overigens moet buitenspel helemaal afgeschaft worden maar dat is een ander verhaal.
b. het was wel een vermakelijk WK voetbal. Sporadisch kon je het nog wel ergens anders over hebben maar in de kantlijn is toch door alle eenheidsgevoelens, zelfs bijna een kabinet gevormd. Iedereen had er ook wel iets over te melden, leek het. Het telefoontje ‘s avonds van Jan Mulder vanuit Oost Groningen naar de bondscoach was van literair niveau. En zelfs ik, zei de gekke basketballcoach begon dingen in het voetbal te herkennen. Waar de regelgevers niet met de tijd meegingen, gaan spelers en trainers dat wel. Corners en vrije schoppen deden sterk denken aan out of bounds spelletjes en ook verder zag ik wel wat screen-activiteit.
En dan C. dat teamproces. Er is toch te merken dat er iemand als Jorritsma naast de coaches op de bank zit en dat er wat aan bewustwording over de invulling van de rollen binnen het team is gedaan. De spelers waren gemotiveerd, hadden enige betekenis toegekend aan het begrip focussen en waren oplossingsgericht bezig. Van Bommel deed vooral wat hij volgens van Basten niet kon, Sneijder keek om zich heen en Mathijssen en van Bronckhorst konden uitgroeien tot de steunpilaren van het team. Het ging boven verwachting.
En wat wou ik nou nog vertellen....dat ging over de finale en ik heb niemand er nog over gehoord. Er gebeurde aan het eind iets wat in mijn nabespreking tot grote ophef zou hebben geleid: Gio was eruit. Kan. Kramp door die noppen waarschijnlijk. Een beetje tot mijn verbazing was de aanvoerdersband overgegaan om de arm van van der Vaart. Tegen het eind van de verrlenging (nog 0-0) kwam er een vrije trap voor Nederland in niet zo’n heel gekke positie. De bal werd met een boogje naar Oranje’s aanvoerder geworpen maar voor die hem kon vangen dook Sneijder met een katachtige sprong voor hem langs voor een levensechte steal. Vd Vaart was een beetje verbaasd. Vervolgens kwam van Persie van voren aanlopen om uitvoerig met Sneijder te overleggen. Beide toppers stonden daarbij met de rug naar vd Vaart, hem nadrukkelijk negerend. De arme invaller stond volledig buitenspel en moet gedacht hebben dat er in zijn afwezigheid toch wel iets in de ploeghierarchie was veranderd.
Zo'n actie druist in tegen alles wat Ubuntu is en ik beschouwde dat moment als illustratie van de totale desintegratie van het zorgvuldig beleden teamgevoel. Het kwam zo flagrant op mij over, dat ik moet bekennen dat het vervolg niet zo tot me doordrong. Niet eens wat er met die vrije trap gebeurde en nauwelijks dat dezelfde vd Vaart te laat naar voren stapte om de goal van Spanje in de volgende aanval buitenspel te laten zijn.
En overigens moet buitenspel helemaal afgeschaft worden maar dat is een ander verhaal.
donderdag, juli 01, 2010
Powerforward in OB44
Basketball is goed voor elk. Een beetje eerder dan gepland moet mijn lievelingsspelletje aan de beurt komen in deze rubriek. Het belang van teamsport kan niet genoeg benadrukt worden en dit spel in nu eenmaal de teamsport bij uitstek:
Al weer een poosje zit er een pointguard in het Witte Huis, nu De Gasterra Flames – zoals Donar voorlopig heet- kampioen van Nederland en als kersje op de appelmoes en klap op de vuurpijl ook nog een powerforward aan het roer van de RUG.
De jongeheer Sterken was niet dat je nou zegt meteen herkenbaar als groot talent.
Er komen wel eens mensen binnenlopen bij het studentenbasketball, die elders al veel hebben geleerd en direct een aanwinst zijn. Elmer Sterken hoorde daar niet bij. Er komen ook wel eens mensen binnenrennen, die razend snel zijn en ook dat was Elmer niet. Evenmin stond hij vooraan toen balgevoel en touch werden uitgedeeld en een echte reus ( you can’t teach height) was hij evenmin.
Een basketballer van het type: Als ze er maar plezier in hebben, dus. Veel studentenbasketballers hebben dat wel maar de meesten zijn daar dan ook wel klaar mee. Op een gegeven moment trekt hun studie of iets anders leuks ze dan weer uit de sport weg. Ook wat dit betreft vormde Elmer de spreekwoordelijke uitzondering.
Want een heel enkele atypische basketballer wordt gegrepen, houdt vol en krijgt het spel door.
Laat me zien hoe je speelt en ik voorspel je je maatschappelijke mogelijkheden: Elmer leerde waar zijn plek in het veld was en wat hij met zijn beperkte mogelijkheden kon betekenen voor de ploeg. Hij bleek te beschikken over een talent dat niet meteen aan de oppervlakte komt: persoonlijkheid en doelgerichtheid en teamgevoel. En, niet onbelangrijk: onze toekomstige rector schuwde het vuile werk niet.
Als coach van het hoogste team van de kleinere studentenclub Moestasj kwam ik hem –als ik eerlijk ben nogal tegen mijn verwachting- jarenlater weer tegen. Hij was inmiddels uitgegroeid tot een nuttige tweedeklasse speler. Zo had hij zich tot een uiterst effectieve sta–in-de-weg ontwikkeld met een vlot schotje van middenafstand, een fenomenaal uithoudingsvermogen en vreselijk puntige ellebogen.
Hij was powerforward geworden; een van de “bruise brothers” van het team. Het feit dat hij veel moest compenseren voor zijn gebrek aan massa, kwam hem vaak op scheldpartijen van zijn (meestal veel grotere) tegenstanders te staan.
Toch, en ook die eigenschap mag enig vertrouwen wekken, had Elmer het nooit aan de stok met de scheidsrechters. Met een gezicht waar de vermoorde onschuld en ellebogen waar het bloed van afdroop, accepteerde hij de beslissingen van de fluitisten zonder morren. Hij deed dat zo overtuigend dat hij vaak vrijuit ging bij zijn eerstvolgende misdaad. Dit soort mannen heb je nodig in een team.
Aan het eind van het seizoen promoveerde het nietige Moestasj 1 naar de Hoofdklasse. In dat zelfde jaar promoveerde onze powerforward nog een keer en nu helemaal op eigen kracht. Coach en spelers van Moestasj (een veelzeggende samentrekking van motivatie en enthousiasme) voorspelden hem een grote toekomst. Soms valt het mee, soms valt het tegen.
Al weer een poosje zit er een pointguard in het Witte Huis, nu De Gasterra Flames – zoals Donar voorlopig heet- kampioen van Nederland en als kersje op de appelmoes en klap op de vuurpijl ook nog een powerforward aan het roer van de RUG.
De jongeheer Sterken was niet dat je nou zegt meteen herkenbaar als groot talent.
Er komen wel eens mensen binnenlopen bij het studentenbasketball, die elders al veel hebben geleerd en direct een aanwinst zijn. Elmer Sterken hoorde daar niet bij. Er komen ook wel eens mensen binnenrennen, die razend snel zijn en ook dat was Elmer niet. Evenmin stond hij vooraan toen balgevoel en touch werden uitgedeeld en een echte reus ( you can’t teach height) was hij evenmin.
Een basketballer van het type: Als ze er maar plezier in hebben, dus. Veel studentenbasketballers hebben dat wel maar de meesten zijn daar dan ook wel klaar mee. Op een gegeven moment trekt hun studie of iets anders leuks ze dan weer uit de sport weg. Ook wat dit betreft vormde Elmer de spreekwoordelijke uitzondering.
Want een heel enkele atypische basketballer wordt gegrepen, houdt vol en krijgt het spel door.
Laat me zien hoe je speelt en ik voorspel je je maatschappelijke mogelijkheden: Elmer leerde waar zijn plek in het veld was en wat hij met zijn beperkte mogelijkheden kon betekenen voor de ploeg. Hij bleek te beschikken over een talent dat niet meteen aan de oppervlakte komt: persoonlijkheid en doelgerichtheid en teamgevoel. En, niet onbelangrijk: onze toekomstige rector schuwde het vuile werk niet.
Als coach van het hoogste team van de kleinere studentenclub Moestasj kwam ik hem –als ik eerlijk ben nogal tegen mijn verwachting- jarenlater weer tegen. Hij was inmiddels uitgegroeid tot een nuttige tweedeklasse speler. Zo had hij zich tot een uiterst effectieve sta–in-de-weg ontwikkeld met een vlot schotje van middenafstand, een fenomenaal uithoudingsvermogen en vreselijk puntige ellebogen.
Hij was powerforward geworden; een van de “bruise brothers” van het team. Het feit dat hij veel moest compenseren voor zijn gebrek aan massa, kwam hem vaak op scheldpartijen van zijn (meestal veel grotere) tegenstanders te staan.
Toch, en ook die eigenschap mag enig vertrouwen wekken, had Elmer het nooit aan de stok met de scheidsrechters. Met een gezicht waar de vermoorde onschuld en ellebogen waar het bloed van afdroop, accepteerde hij de beslissingen van de fluitisten zonder morren. Hij deed dat zo overtuigend dat hij vaak vrijuit ging bij zijn eerstvolgende misdaad. Dit soort mannen heb je nodig in een team.
Aan het eind van het seizoen promoveerde het nietige Moestasj 1 naar de Hoofdklasse. In dat zelfde jaar promoveerde onze powerforward nog een keer en nu helemaal op eigen kracht. Coach en spelers van Moestasj (een veelzeggende samentrekking van motivatie en enthousiasme) voorspelden hem een grote toekomst. Soms valt het mee, soms valt het tegen.
maandag, juni 07, 2010
Goed en blij
Even kort: het gaat wel goed met mij en binnenkort meld ik me ook weer aan de rand van een basketballveld.
En blij ben ik ook. De NBA-finals komen weer wat meer tot leven nu de beide teams door clubgenoten van me worden gecoacht.
Zowel Jackson als Rivers is lid van de PCA, de Positive Coaches Alliance. Een internationale club, die zich richt op een andere, meer volwassen kijk op winnen, leren, inzet en fouten maken.
Ook in het NDBC, het kamp dat we straks voor de 19e keer achtereen organiseren, zijn we zo langzamerhand wel naar die filosofie toegegroeid. Een All PCA kamp en een All PCA NBA finals.
Daar wordt ik toch wel blij en hoopvol van.
En blij ben ik ook. De NBA-finals komen weer wat meer tot leven nu de beide teams door clubgenoten van me worden gecoacht.
Zowel Jackson als Rivers is lid van de PCA, de Positive Coaches Alliance. Een internationale club, die zich richt op een andere, meer volwassen kijk op winnen, leren, inzet en fouten maken.
Ook in het NDBC, het kamp dat we straks voor de 19e keer achtereen organiseren, zijn we zo langzamerhand wel naar die filosofie toegegroeid. Een All PCA kamp en een All PCA NBA finals.
Daar wordt ik toch wel blij en hoopvol van.
zondag, mei 30, 2010
Old boys network
Dat is toch gek. Ik roep altijd dat diversiteit belangrijk is en nou zat ik zelf in een zogenaamde "expertmeeting" van de Basketballbond, met twintig witte mannen en nul vrouwen. Het was ook nog eens een "old" boys network. Nou doet het me over het algemeen goed als ik als betrekkelijk jong wordt ervaren, maar als ik ergens de gemiddelde leeftijd nadrukkelijk naar beneden breng, is dat wel een beetje een teken. Ergens halverwege riep ik nog, (uit schuldgevoel?) dat ik diversiteit belangrijk vond maar dat was in een nader verband en tot mijn schande moet ik toch zeggen dat ik pas naderhand over de samenstelling van de vergadering heb nagedacht.
Laat ik ter verdediging maar aanvoeren dat het dus wel erg over de inhoud zal zijn gegaan. Op deze plek en de volgende keer ook daar, moet ik de gemiste kans maar goed proberen te maken.
De oudste deelnemer was mijn eigen vroegere docent lesgeven, Piet Brouwer van Urk. Ik herkende hem niet eens meteen. De jongste waarschijnlijk Harald Davenschot, die nog bij mij stage heeft gelopen. (En er hier vandaag vooral aan bijdroeg dat mijn leeftijd onder het gemiddelde uitkwam.)
Oudere mannen. Dat het met die leeftijd ook zorgelijk kan worden of het allemaal wel terecht komt met die opleidingen van de bond, bleek aan het eind. Ons subgroepje had zich geworpen op het onderdeel coaching en communicatie en had daarbij in prima samenwerking 4 principes als pijlers vastgesteld, die een leidraad zouden moeten vormen onder het hele bestel. Waarheden als koeien waar je meer of minder de diepte mee in kunt. Toen we die aan het eind van de bijeenkomst moesten reproduceren, uit het hoofd, konden zowel Jan Willem Jansen als Kaj Reker (beide begin 50) er maar 3 verzinnen..... Toch maar wat jonge vrouwen met goede hersenen in de groep. 20% is het tipping point, heb ik wel eens gehoord.
Laat ik ter verdediging maar aanvoeren dat het dus wel erg over de inhoud zal zijn gegaan. Op deze plek en de volgende keer ook daar, moet ik de gemiste kans maar goed proberen te maken.
De oudste deelnemer was mijn eigen vroegere docent lesgeven, Piet Brouwer van Urk. Ik herkende hem niet eens meteen. De jongste waarschijnlijk Harald Davenschot, die nog bij mij stage heeft gelopen. (En er hier vandaag vooral aan bijdroeg dat mijn leeftijd onder het gemiddelde uitkwam.)
Oudere mannen. Dat het met die leeftijd ook zorgelijk kan worden of het allemaal wel terecht komt met die opleidingen van de bond, bleek aan het eind. Ons subgroepje had zich geworpen op het onderdeel coaching en communicatie en had daarbij in prima samenwerking 4 principes als pijlers vastgesteld, die een leidraad zouden moeten vormen onder het hele bestel. Waarheden als koeien waar je meer of minder de diepte mee in kunt. Toen we die aan het eind van de bijeenkomst moesten reproduceren, uit het hoofd, konden zowel Jan Willem Jansen als Kaj Reker (beide begin 50) er maar 3 verzinnen..... Toch maar wat jonge vrouwen met goede hersenen in de groep. 20% is het tipping point, heb ik wel eens gehoord.
woensdag, mei 26, 2010
toptrainers

Een aanradertje van RVU. Aardig om deze mannen over het vak te horen praten. Ook al is dat dan voetbal.
Ik heb het minst met van Gaal en van Marwijk en de trainer van Hanegem en het meest met de Haan en Beenhakker. Beenhakker is mijn favoriet omdat hij zo duidelijk uitspreekt dat het bij hem om de mensen gaat. Ook al noemt hij ze dan "23 kikkers in een kruiwagen." De andere mannen, met name van Marwijk vinden dat met het spelen van het spel niets te vergelijken is. Zij spelen als coach eerder met pionnen dan met spelers.
Coach Kaj wordt ook oud. Toen Adriaanse en Hiddink op de hoogste trainerscursus zaten, zat ik dat ook. Ai. Die mannen hebben veel langere carrières gehad als spelers, dat zal het zijn.
Beenhakker doet me denken aan Billy Cunningham en Phil Jackson, NBA coaches die eerder ook als speler een ring hebben gewonnen en beide zeggen dat de gecoachte kampioenschappen zwaarder wegen.
Nu zo'n aflevering met niet voetbalcoaches, graag.
donderdag, april 29, 2010
het zit in de tuin en het tikt

Iedereen zou af er toe moeten revalideren. Van revalideren is het maar een klein stapje naar revalueren en inderdaad waardeer ik mijn omgeving weer meer. Sinds ik terug ben, na de ablatie en een bijbehorend kort verblijf in het UMCG huis ik zo'n beetje in het tuinhuis. Dat huisje heb ik de hele winter wel gezien maar niet beschouwd als verblijfplaats; eerder als coulisse.
Nu merk ik weer de gebruiksvoordelen ervan: een schaduwrijk maar niet duister plekje waardoor je wel in de tuin bent maar niet in de volle zon (niet goed voor mij) Beschut maar niet van het groene afgesloten. Rustig maar wel verbonden met de buitenwereld door het internet. Revalidueren.
Het tikt. Het tikt voor het eerst weer een blogje. En het hart klopt maar het klopt nog niet helemaal. Mooie sinussen worden afgewisseld met chaotische drumsolos. Het hoort erbij, zeggen ze. De behandeling is geslaagd en zeer precies uitgevoerd. Zowel de UMCG ritmesectie als ikzelf hebben er een goed gevoel aan over gehouden. Uiteindelijk telt mijn gevoel natuurlijk. Nu eerst maar rustig aan doen, patient spelen, uitrusten en maar zien wanneer ik weer aan het normale leven ga deelnemen.
Ik leg me er maar bij neer. De omgeving helpt daar wel bij.
maandag, april 12, 2010
Eend in de boom
Wist u dat eenden als kolibries recht omhoog kunnen vliegen als ze een nest hebben gebouwd op 5 meter boven de grond in een boom? Gek he?
Er waren wel meer gekke dingen, zaterdag. Met acht personen (Esthers neusbeen leed nog teveel onder de hardhandige aanraking met Stina's elleboog op de training) arriveerde Moestasj te laat in Dokkum. Friesland was mooi in het voorjaar maar wel uitgestrekt en moeizaam door te komen, hetgeen niet in het reisplan was verdisconteerd. Niet te laat om op tijd te beginnen maar wel te laat om goed te beginnen. Een kleine drie minuten gezamenlijke warming up betekent dat je de atmosfeer van een zaal niet aan kunt voelen en de verhoudingen niet begrijpt en dus niet kunt schieten.
De hal was net zo grijs en kaal als de kantine sjiek. Het veld was groot, wat meestal een voordeel is, bij ons snelle spelletje. vandaag was het te groot.
De tegenstander wilde er nog wel even tegenaan, zo aan het begin van de lente en vooral good old Irma Swart, de lange pointguard uit mijn meisjeskadettenselectieploeg lichting 1968, had zin. In de eerste helft beperkte ze zich nog tot een serie steals en coast to coast scores waar we geen antwoord op hadden of anders een verkeerd antwoord.
De klap kwam meteen hard aan: 12-2 na 5 minuten hoeft nog niet dodelijk te zijn, lastig is zo'n blow out wel. Langzaam, heel langzaam en met inzet van alle mogelijke time-outs kwamen we tot iets passender spel maar toch stonden we nog altijd 9 punten achter bij rust, hadden we nog geen break gelopen en nog niet gescoord uit een aanvalsrebound.
De rust deed ons goed. In het derde kwart herpakten we ons met mooie passes en fatsoenlijke aanvallen. Een 16-9 kwart betekende een echte wedstrijd met nog maar twee punten te gaan. Je zou zeggen met goede moed het laatste kwart in :d'r op en d'r over.
Onze verdediging was echter absoluut te sloom, wat ons op nogal wat scores uit lay-ups kwam te staan. (Zonde tegen ons eerste principe!) Bijna terug in de partij liepen we tegen een paar driepunters van Irma op, terwijl we zelf niet scoorden.
Zelfs de verander truc hielp niet meer. We zouden pick en rolls gaan spelen na twee passes maar kwamen alleen tot verlegenheidsschoten.
Van de negen punten verschil krabbelden we tot vijf en dat was het dan.
Onze tweede nederlaag in 2010. Nummer tweenalaatst als enige team waarvan we niet hebben gewonnen.
Uitwedstrijden. Ik ben gewend om nooit een uitwedstrijd te spelen. In de landelijke competitie met Uilen waren we immers helemaal gewend aan 250 km in de auto met een tussenstop, een uur van te voren in de zaal, acclimatiseren en de overtuiging dat we niet voor niets zo'n end opgevouwen hadden gezeten. Onze tegenstanders, die dat 1 keer per jaar moesten, die waren niets gewend en dus hadden we dubbel thuisvoordeel.
Dat is anders in het rayon. De helft plus twee wedstrijden in het WAS en uitwedstrijdjes, die je bijwijze van op de fiets kunt doen. Het resultaat is dat we dit jaar dan ook slechts twee uitwedstrijden hebben gewonnen. Buiten Groningen zelfs maar 1. Een aandachtspuntje voor volgend jaar, dunkt me.
En ach. Het was toch een mooi seizoen. (derde geworden, meeste punten gescoord???) Een mooie thuisreis door landelijk Noord Nederland. Echt lente was het en de eenden zaten er nog.
Er waren wel meer gekke dingen, zaterdag. Met acht personen (Esthers neusbeen leed nog teveel onder de hardhandige aanraking met Stina's elleboog op de training) arriveerde Moestasj te laat in Dokkum. Friesland was mooi in het voorjaar maar wel uitgestrekt en moeizaam door te komen, hetgeen niet in het reisplan was verdisconteerd. Niet te laat om op tijd te beginnen maar wel te laat om goed te beginnen. Een kleine drie minuten gezamenlijke warming up betekent dat je de atmosfeer van een zaal niet aan kunt voelen en de verhoudingen niet begrijpt en dus niet kunt schieten.
De hal was net zo grijs en kaal als de kantine sjiek. Het veld was groot, wat meestal een voordeel is, bij ons snelle spelletje. vandaag was het te groot.
De tegenstander wilde er nog wel even tegenaan, zo aan het begin van de lente en vooral good old Irma Swart, de lange pointguard uit mijn meisjeskadettenselectieploeg lichting 1968, had zin. In de eerste helft beperkte ze zich nog tot een serie steals en coast to coast scores waar we geen antwoord op hadden of anders een verkeerd antwoord.
De klap kwam meteen hard aan: 12-2 na 5 minuten hoeft nog niet dodelijk te zijn, lastig is zo'n blow out wel. Langzaam, heel langzaam en met inzet van alle mogelijke time-outs kwamen we tot iets passender spel maar toch stonden we nog altijd 9 punten achter bij rust, hadden we nog geen break gelopen en nog niet gescoord uit een aanvalsrebound.
De rust deed ons goed. In het derde kwart herpakten we ons met mooie passes en fatsoenlijke aanvallen. Een 16-9 kwart betekende een echte wedstrijd met nog maar twee punten te gaan. Je zou zeggen met goede moed het laatste kwart in :d'r op en d'r over.
Onze verdediging was echter absoluut te sloom, wat ons op nogal wat scores uit lay-ups kwam te staan. (Zonde tegen ons eerste principe!) Bijna terug in de partij liepen we tegen een paar driepunters van Irma op, terwijl we zelf niet scoorden.
Zelfs de verander truc hielp niet meer. We zouden pick en rolls gaan spelen na twee passes maar kwamen alleen tot verlegenheidsschoten.
Van de negen punten verschil krabbelden we tot vijf en dat was het dan.
Onze tweede nederlaag in 2010. Nummer tweenalaatst als enige team waarvan we niet hebben gewonnen.
Uitwedstrijden. Ik ben gewend om nooit een uitwedstrijd te spelen. In de landelijke competitie met Uilen waren we immers helemaal gewend aan 250 km in de auto met een tussenstop, een uur van te voren in de zaal, acclimatiseren en de overtuiging dat we niet voor niets zo'n end opgevouwen hadden gezeten. Onze tegenstanders, die dat 1 keer per jaar moesten, die waren niets gewend en dus hadden we dubbel thuisvoordeel.
Dat is anders in het rayon. De helft plus twee wedstrijden in het WAS en uitwedstrijdjes, die je bijwijze van op de fiets kunt doen. Het resultaat is dat we dit jaar dan ook slechts twee uitwedstrijden hebben gewonnen. Buiten Groningen zelfs maar 1. Een aandachtspuntje voor volgend jaar, dunkt me.
En ach. Het was toch een mooi seizoen. (derde geworden, meeste punten gescoord???) Een mooie thuisreis door landelijk Noord Nederland. Echt lente was het en de eenden zaten er nog.
donderdag, april 01, 2010
oefenpotje
En geoefend hebben we. In basketball omdat we toch tegen een hoofdklasseploeg mochten. De dames van BVG vonden regelmatig hun weg door de press. Ze deden het slimmer dan we van tweede klassers gewend zijn: De laatste steunpilaren in de zone naar de ene kant trekken en dan scoren langs de andere. Ze konden dat doen, doordat we toch gewend zijn om 1: de bal voorin af te pakken en 2: dat de vrouw aan het handvat de layup wel tegenhoudt. Een goede les: Unfortunately....if the ball goes over your head....you have to sprint.
Omdat we het in de aanval, ook zonder Esther, wel goed deden en we na verloop van tijd toch ballen gingen stelen, voorin, bleven we goed bij, om niet te zeggen gelijk opgaan met de hekkesluiter van de hoofdklasse. Maar ondertussen moesten we ook onze mentale weerbaarheid ernstig oefenen. Je moet de bitsende tegenstander eigenlijk bedanken voor de training op dit vlak.....
De inbreng van onze buitenlanders was heel behoorlijk. Vooral Maria had het vizier op scherp staan en ze was ook niet te beroerd om stevig te verdedigen. Lisa werd in elk geval goed moe. Ze had het ook zwaar, want ze moest met Marjo onze verdediging wat body geven tegen alle lengte van BVG. Tegen oud-uil-air-Iris was niet zoveel kruid gewassen echter. Haar af en toe dan maar naar de vrije worplijn sturen en onder de andere basket maar zorgen dat we veel raak schoten.
Goede oefening, zo'n tegenstander. Zouden we vaker moeten doen. Misschien wel elke week?
Omdat we het in de aanval, ook zonder Esther, wel goed deden en we na verloop van tijd toch ballen gingen stelen, voorin, bleven we goed bij, om niet te zeggen gelijk opgaan met de hekkesluiter van de hoofdklasse. Maar ondertussen moesten we ook onze mentale weerbaarheid ernstig oefenen. Je moet de bitsende tegenstander eigenlijk bedanken voor de training op dit vlak.....
De inbreng van onze buitenlanders was heel behoorlijk. Vooral Maria had het vizier op scherp staan en ze was ook niet te beroerd om stevig te verdedigen. Lisa werd in elk geval goed moe. Ze had het ook zwaar, want ze moest met Marjo onze verdediging wat body geven tegen alle lengte van BVG. Tegen oud-uil-air-Iris was niet zoveel kruid gewassen echter. Haar af en toe dan maar naar de vrije worplijn sturen en onder de andere basket maar zorgen dat we veel raak schoten.
Goede oefening, zo'n tegenstander. Zouden we vaker moeten doen. Misschien wel elke week?
zondag, maart 28, 2010
Scylla bites, maar bijt niet door.
Met z'n zessen stonden we voor het eerst dit jaar in Vinkhuizen. Eens de basketballtempel van Groningen waar ik bijna woonde. Het is een nare gribus geworden met aan een kant rammelende houten borden en korte veldjes. Achter de bank en in het veld was het ook een rommel. Het schijnt dat rommeligheid verrommeling tot gevolg heeft. Met behulp en onder aanmoediging van lieve omstanders slaagden wij erin de zaak netjes achter te laten. De pil van de omgeving werd verguld door de wedstrijd.
We begonnen goed met een kwart zoals ik dat graag zie: aanvallen over veel schijven en veel tempo en druk door de press: bij meer dan 15 punten in een kwart zeur ik eigenlijk nooit. Wat wel zorgen baart, als je met zo weinig bent, zijn fouten en daar kregen we nogal wat van. In het tweede kwart werden we toch een beetje moe en speelden we ook niet meer zo goed. Het is een kwalijke cirkel: minder scoren- minder press- minder makkelijke scores. Ondertussen kwam Scylla venijnig dichterbij: vlak voor rust was het verschil nog maar 1 punt. We leken het lek weer boven te hebben door de laatste 6 punten weer te laten aantekenen.
Maar het derde kwart is vaak niet ons kwart: in de eerste 5 minuten daarvan gaven we 14 unanswered points weg en was de eerste leadchange een feit (om in color comment te blijven) 33-40 Scylla's yell: "bite!" ging op. Niks lukte in de aanval en daarom gingen we steeds onrustiger spelen waardoor niks lukte..nog een kwalijke cirkel en hoe kom je daaruit?
Ton Boot zegt altijd dat er geen trucjes bestaan in basketball. Boot heeft natuurlijk altijd gelijk, dus laten we het psychologisch gereedschap noemen: je kunt dan wel aan de aanval blijven hervormen maar een verdedigende verandering is ook een verandering. We kunnen best een aardige zone spelen om in terug te vallen na de press. En ja hoor: na een beetje een onwennige start bracht de tweede helft van het kwart ons weer helemaal terug, langszij en voorbij. Met een gebroken cirkel waren we opeens weer heel goed: degelijke scores uit een felle maar gecontroleerde press en prachtige backdoorpasses volgden elkaar op en alle vrije worpen gingen binnen. 53-71.
Op het andere veld wonnen mijn oude ploegmaten met een punt en veel gejuich van kinderen en zo kun je de gribus wel weer met een goed gevoel achter laten.
Compliment van de tafel (allemaal vroegere pupillen): goeie speelsters, Kaj. Die ene gaat vast nog wel eens promotiedivisie spelen!
Esther was, ook met 4 fouten aardig op dreef, en scoorde 27 punten, Linda was vooral in de tweede helft uiterst koel, ook van van de vrije worplijn en kwam op 17, Toya, die zich maar een keer met de scheidsrechters bemoeide, had uitstekende drives en maakte 14 punten. Marjo grossierde in rebounds, Janne was een constante factor als aanspeelpunt en met een speciale rol in de verdediging en ook zonder de inbreng van Roos hadden we het niet gered. Over goede schoten die niet vallen zeuren we ook niet.
Femke, Wianne en Karine waren van de partij en kwamen om diverse redenen niet in het veld maar speelden wel en belangrijke rol in de morele ondersteuning en opvang in moeilijke momenten. Ubuntu, we hebben iedereen gezien.
We begonnen goed met een kwart zoals ik dat graag zie: aanvallen over veel schijven en veel tempo en druk door de press: bij meer dan 15 punten in een kwart zeur ik eigenlijk nooit. Wat wel zorgen baart, als je met zo weinig bent, zijn fouten en daar kregen we nogal wat van. In het tweede kwart werden we toch een beetje moe en speelden we ook niet meer zo goed. Het is een kwalijke cirkel: minder scoren- minder press- minder makkelijke scores. Ondertussen kwam Scylla venijnig dichterbij: vlak voor rust was het verschil nog maar 1 punt. We leken het lek weer boven te hebben door de laatste 6 punten weer te laten aantekenen.
Maar het derde kwart is vaak niet ons kwart: in de eerste 5 minuten daarvan gaven we 14 unanswered points weg en was de eerste leadchange een feit (om in color comment te blijven) 33-40 Scylla's yell: "bite!" ging op. Niks lukte in de aanval en daarom gingen we steeds onrustiger spelen waardoor niks lukte..nog een kwalijke cirkel en hoe kom je daaruit?
Ton Boot zegt altijd dat er geen trucjes bestaan in basketball. Boot heeft natuurlijk altijd gelijk, dus laten we het psychologisch gereedschap noemen: je kunt dan wel aan de aanval blijven hervormen maar een verdedigende verandering is ook een verandering. We kunnen best een aardige zone spelen om in terug te vallen na de press. En ja hoor: na een beetje een onwennige start bracht de tweede helft van het kwart ons weer helemaal terug, langszij en voorbij. Met een gebroken cirkel waren we opeens weer heel goed: degelijke scores uit een felle maar gecontroleerde press en prachtige backdoorpasses volgden elkaar op en alle vrije worpen gingen binnen. 53-71.
Op het andere veld wonnen mijn oude ploegmaten met een punt en veel gejuich van kinderen en zo kun je de gribus wel weer met een goed gevoel achter laten.
Compliment van de tafel (allemaal vroegere pupillen): goeie speelsters, Kaj. Die ene gaat vast nog wel eens promotiedivisie spelen!
Esther was, ook met 4 fouten aardig op dreef, en scoorde 27 punten, Linda was vooral in de tweede helft uiterst koel, ook van van de vrije worplijn en kwam op 17, Toya, die zich maar een keer met de scheidsrechters bemoeide, had uitstekende drives en maakte 14 punten. Marjo grossierde in rebounds, Janne was een constante factor als aanspeelpunt en met een speciale rol in de verdediging en ook zonder de inbreng van Roos hadden we het niet gered. Over goede schoten die niet vallen zeuren we ook niet.
Femke, Wianne en Karine waren van de partij en kwamen om diverse redenen niet in het veld maar speelden wel en belangrijke rol in de morele ondersteuning en opvang in moeilijke momenten. Ubuntu, we hebben iedereen gezien.
maandag, maart 22, 2010
winnen en feest

Een hele serie feestjes, afgelopen week en de overwinning op Uilen 4 paste goed in dat rijtje.
We waren een beetje gehandicapt wat nog eens extra werd benadrukt toen Wianne, die zich tot volwaardig lid van het eerste team begint te ontwikkelen, bij een in & out de bal op de hand kreeg en met gevoelloze vingers op de bank bleef. Zes over en waar we vorige week extra klein speelden, speelden we nu Janne en de lange vrouwen. Dat ging ook wel, al waren we een stuk minder scherp dan vorige week. We kenden goede minuten en goede kwarten en kwamen geen moment in gevaar. De in de laatste periode gestelde doelen van niet meer dan 15 tegen en zelf 60 haalden we echter niet. Het was goed zo.
Esther maakte er toch nog 18, Linda (12) vond vaak het goede ogenblik om een drive te maken, Roos (7) was weer attent van dichtbij, Mareike aus Amersfoort scoorde 3x knap op 1 tel, Marjo was goed voor de eerste en de laatste punten uit de wedstrijd Janne pafte 1 driepunter binnen en was nauwelijks op vergissingen te betrappen en Wianne scoorde nog net even knap voordat haar hand dat ook zei.
En toen op naar het volgende feestje met het winnende sheet als boodschappenbriefje....
zondag, maart 14, 2010
de leukste wedstrijd!
Het is goed voorstelbaar, dat je baalt, als je een wedstrijd hebt verloren, die zo spannend en gelijk opgaand was als die van zondagmiddag. Het had immers best andersom kunnen zijn. Bij andere wedstrijden, dit seizoen hadden we dat gevoel ook wel eens. Wij stonden na afloop in het vakje winnende team ingevuld en dat gaf een extra goed gevoel maar we speelden ook nog eens leuk! En uiteraard was dat ook de verdienste van de tegenstander, die continu partij bleef geven en echt wat van ons vroeg.
We moesten driepunters incasseren en verhinderen, een behoorlijke reactie op de press beantwoorden en de bal in de ploeg houden. We moesten goed op ons quivive blijven om de kleine cadeautjes, die de Uiltjes soms weggaven ook te openen.
De press was weer het uitgangspunt van alle moestactiviteit en weer gaf dat ons, door genoemde kleine presentjes, zoveel lucht, dat we ook vrij relaxed aanvallen konden spelen. Meer en betere screens dan ooit hadden we nodig meer en betere swings en meer en beter schoten van dichtbij en veraf hadden we nodig. En we deden het.
Volgens mij was dit echt pas de eerste keer dat we zo goed speelden, dat we van Uilen 3 konden winnen en we maakten er een memorabele wedstrijd van.
Hij was zeker ook memorabel voor onze bankspeelsters, die tegelijkertijd op twee velden speelden. Dat mag wel in je CV want dat vergt wel iets van je aanpassingsvermogen. Doordat we niet de hele tijd over de inside-capaciteiten van onze Deutsche dr. Oetkerangestellte konden beschikken, was er nog een memorabele eersteling te begroeten: bijna vijf minuten horseshoe-offense! 5 kleintjes om de bucket heen laten een ruim open midden over waar weer allerlei leuks mogelijk blijkt.
Echt onze beste en leukste wedstrijd van het seizoen tot nu toe.En daarmee de leerzaamste: als bijna alles goed loopt vallen de fouten die toch nog gemaakt worden beter op. Ik kan me het balen van onze geblesseerde powerforward goed voorstellen: wat zal dat gekriebeld hebben als je niet kunt spelen. Ze heeft echter bij die eerste keer, eind 2009, dat we de press inzetten een heel belangrijke rol gespeeld en mee geholpen het vertrouwen in dit wapen te vestigen. Helpt dat iets?
De coach verwacht intussen eigenlijk het seizoen gewoon af te maken op de bank (of daar net voor in het gezichtsveld van luid tegen deze opstelling protesterende speelsters) en ik ben daar eigenlijk toch wel blij om.
(En PS: door de leuke en sportieve tegenstand hopen we stiekem toch, dat Uilen kampioen wordt.......)
We moesten driepunters incasseren en verhinderen, een behoorlijke reactie op de press beantwoorden en de bal in de ploeg houden. We moesten goed op ons quivive blijven om de kleine cadeautjes, die de Uiltjes soms weggaven ook te openen.
De press was weer het uitgangspunt van alle moestactiviteit en weer gaf dat ons, door genoemde kleine presentjes, zoveel lucht, dat we ook vrij relaxed aanvallen konden spelen. Meer en betere screens dan ooit hadden we nodig meer en betere swings en meer en beter schoten van dichtbij en veraf hadden we nodig. En we deden het.
Volgens mij was dit echt pas de eerste keer dat we zo goed speelden, dat we van Uilen 3 konden winnen en we maakten er een memorabele wedstrijd van.
Hij was zeker ook memorabel voor onze bankspeelsters, die tegelijkertijd op twee velden speelden. Dat mag wel in je CV want dat vergt wel iets van je aanpassingsvermogen. Doordat we niet de hele tijd over de inside-capaciteiten van onze Deutsche dr. Oetkerangestellte konden beschikken, was er nog een memorabele eersteling te begroeten: bijna vijf minuten horseshoe-offense! 5 kleintjes om de bucket heen laten een ruim open midden over waar weer allerlei leuks mogelijk blijkt.
Echt onze beste en leukste wedstrijd van het seizoen tot nu toe.En daarmee de leerzaamste: als bijna alles goed loopt vallen de fouten die toch nog gemaakt worden beter op. Ik kan me het balen van onze geblesseerde powerforward goed voorstellen: wat zal dat gekriebeld hebben als je niet kunt spelen. Ze heeft echter bij die eerste keer, eind 2009, dat we de press inzetten een heel belangrijke rol gespeeld en mee geholpen het vertrouwen in dit wapen te vestigen. Helpt dat iets?
De coach verwacht intussen eigenlijk het seizoen gewoon af te maken op de bank (of daar net voor in het gezichtsveld van luid tegen deze opstelling protesterende speelsters) en ik ben daar eigenlijk toch wel blij om.
(En PS: door de leuke en sportieve tegenstand hopen we stiekem toch, dat Uilen kampioen wordt.......)
vrijdag, maart 12, 2010
andere kijk

Kijk: dit is ook sport. Een deel van de meiden aan tafel, met de tong uit de mond bezig hun verbeterpunten te laten leven.
Ze hebben de hun keuze uit kaartjes van het "weloverwogen verbeterspel versie basketball" voor zich uitgestald en brengen nu van de belangrijkste twee prioriteiten in beeld op een klein kaartje. Dat dragen ze straks bij zich als ze naar de training of de wedstrijd gaan en dat komen ze tegen als je bijvoorbeeld hun schoenen aan trekken. (uit de koffer van de coach komt ook een lamineerapparaat....)
Leuk van het gebruik in een team: de kaartjes worden na afloop geschud en een voor een door een teamgenoot opgepakt en gegeven aan degene die ze gemaakt heeft. Die legt vervolgens weer uit wat die keuze voor haar betekent. Het team krijgt hierdoor meteen ook een inzicht in waar iemand mee bezig wil. En de coach. Die ook. Hij heeft zijn gereedschapskist niet voor niks meegenomen...
PS: iemand een suggestie voor een betere naam voor het kaartspul?
donderdag, maart 11, 2010
web 3.0
Afgelopen weekend heb ik me laten informeren over informatie. In de jaren negentig van de vorige eeuw stelde ik in een communicatieplan voor om het internet als belangrijkste bron van informatie voor het Sportcentrum van de Universiteit te gaan gebruiken. Het rooster op het web en het cursusaanbod. Het was een goed doortimmerd plan en wel erg voor de muziek uit: de de verwerkelijking ervan botste nog wat op de tijdgeest: onze directeur had net duizenden folders laten drukken en overwoog daar nu een standaard voor aan te schaffen. 1.0 vierde hoogtij en daar hoorden, zo weet ik nu, zowel de folders als de informatie die ik op internet wilde zetten gewoon bij. In het kort alles wat niet in twee richtingen werkt is 1.0.
2.0 is alles wat interactief is: inschrijven, reacties geven, terugtwitteren, de viral movies van de SP. Ik wil daar ook wat mee, dus ik heb nu op mijn coachingsite een zogenaamde answergarden geplaatst. daarmee vraag ik minimalistisch commentaar. Ik ben erg benieuwd wat er voor woordwolk gaat ontstaan, als mensen de moeite nemen om op een zwevend begrip te klikken of, nog mooier en nog interproactiever, zelf een reactie van 20 tekens publiceren. Dus, doe dat alsjeblieft eens een keertje, leren we allemaal weer veel van.
De vraag kwam wel meteen in me op wat dan Web 3.0 zou worden: De overtreffende trap van interactief is synergetisch maar ik kan me ook heel goed voorstellen dat het weer een stap terug is. Met groeiend inzicht laten we de blogpagina's en de Iphone gewoon links liggen op de vuilnisbelt van de beschaving. Het is moeilijk voor te stellen, blogde hij.
2.0 is alles wat interactief is: inschrijven, reacties geven, terugtwitteren, de viral movies van de SP. Ik wil daar ook wat mee, dus ik heb nu op mijn coachingsite een zogenaamde answergarden geplaatst. daarmee vraag ik minimalistisch commentaar. Ik ben erg benieuwd wat er voor woordwolk gaat ontstaan, als mensen de moeite nemen om op een zwevend begrip te klikken of, nog mooier en nog interproactiever, zelf een reactie van 20 tekens publiceren. Dus, doe dat alsjeblieft eens een keertje, leren we allemaal weer veel van.
De vraag kwam wel meteen in me op wat dan Web 3.0 zou worden: De overtreffende trap van interactief is synergetisch maar ik kan me ook heel goed voorstellen dat het weer een stap terug is. Met groeiend inzicht laten we de blogpagina's en de Iphone gewoon links liggen op de vuilnisbelt van de beschaving. Het is moeilijk voor te stellen, blogde hij.
maandag, maart 08, 2010
let down

Als ze maar net zo scherp - mede dankzij de terugkeer van Janne op de training- zouden zijn als dinsdag en net zo geconcentreerd -dankzij de terugkeer van Karine? -als donderdag, dan stond ons een mooie wedstrijd te wachten tegen Paiz, dacht de coach.
En zo was het eigenlijk ook. De concentratie was goed en de press was veel te veel voor de meiden uit Peize. Wham bam, thank you mam. Evelien, nadrukkelijk aanwezig in gezelschap van haar buik, was getuige van een overdonderend begin: 23-8 na de eerste periode. Omdat we wat slordiger werden, met name in de rebound, werd het verschil nog 5 punten groter bij rust. Eigenlijk deed, op die rebound na dan, iedereen wat ze moest doen en ook nog wel een extra duit in het zakje.
Maar misschien was die slordigheid in dat belangrijke onderdeel wel een voortekentje van de things to come. Evelien hield het voor gezien en hees puffend haar buik weer naar huis. Koppen weer leegmaken en dan tweede helft weer beter rebounden en dan ook beter spelen en verder uitlopen. Maar het werd een raar kwart. Hadden we niet al gewonnen? Nee, we hadden last van "let down", een geknapte spanningsboog: De concentratie op details was weg. Niet dat het grotere teamritme echt verstoord was, de aanvallen liepen gewoon heel behoorlijk door maar het afmaken werd teamwise "jerky". Heel licht te veel spanning op de spieren en net geen goede afwikkeling meer. Een tekenend moment, waar ik ook maar even (tevergeefs) een time-out op nam, gebeurde in de tweede minuut: Peize stuntelde de bal over de lijn bij het innemen en wij mochten van de zijkant inbounden. Dat deden we zo haastig en chaotisch dat we eigenlijk zonder balbezit weer inleverden.
We kregen zeker wel twintig goede schoten en een heleboel vrije worpen maar het duurde tot de negende minuut van de periode, tot we ons eerste en enige punt van het kwart lieten aantekenen. Roos bleef redelijk smooth en ook heel goed overeind in de rebound. Heel gek om het team zo behoorlijk te zien spelen en de afmakers zo te zien schutteren.
6-1 voor Peize, dat wel de verdediging maar niet de aanval wist aan te scherpen. Vorige wedstrijd een season high in een kwart nu een low.
Het is dan knap als je toch nog weer wat weet te maken van de laatste periode. Het hield niet over maar het ging. en de uitslag was met 53-35 een mooi spiegelbeeld van de wedstrijd.
Positief: En wat hadden we een lekker groot team bij ons! Een volle bank met internationale allure. Dus voor het eerst dit seizoen zullen er mensen misschien minder hebben gespeeld dan ze op konden...
Positief: En wat hadden we veel mooie swings in de aanval. En dan kunnen we ook eens waarnemen dat de timing van het open komen op weakside best een beetje beter kan.
Positief: En wat een mooi buikje!
vrijdag, maart 05, 2010
M&M's
Kansen in overvloed voor coaches en procesbegeleiders na de laatste verkiezingen.
In het commentaar in de krant lees ik een paar berustingen: Deze verkiezingen waren een test voor de komende landelijke? Oh ja? Mijn gemeente ligt niet in Uruzgan. Nationale (gemeente) belangenpartijen doen straks gewoon niet mee en als ik Rutte was zou ik me ook niet rijk rekenen....
De Volkskrant wil ook vraagtekens zetten bij de legitimiteit van het gemeentebestuur, na een opkomst van 53%. Ook dat vind ik niet terecht: Als je niet gaat stemmen om reden dat je niet wilt, hou je de rest van de periode je mond. Klaar. Het is niet mogelijk om je stemming niet te communiceren.
Wat heel lastig lijkt is de grote versnippering die optreedt. Maar heeft dat juist ook geen voordelen? Er zijn veel keuzes van samenwerken mogelijk, zonder dat er een team in het team hoeft te ontstaan. Kleinere fracties hebben misschien wel scherpere kantjes maar zijn beslist minder onbeweeglijk. Het is bijna alsof je een ploeg formeert, zonder er rekening mee te hoeven houden dat die liever de pass van die krijgt.
Ik had het over mogelijkheden: er komen een heleboel onervaren raadsleden naar voren. Ik ben beschikbaar om een traject naar politieke en bestuurlijke groei te begeleiden.
En misschien nog interessanter is mijn nieuwe advertentietekst:
"Ervaren teamcoach beschikbaar als facilitator bij coalitieforming, storming, norming en performing."
Mensen en teams bijeen brengen. Gaat lukken. De M&M's breng ik mee.
In het commentaar in de krant lees ik een paar berustingen: Deze verkiezingen waren een test voor de komende landelijke? Oh ja? Mijn gemeente ligt niet in Uruzgan. Nationale (gemeente) belangenpartijen doen straks gewoon niet mee en als ik Rutte was zou ik me ook niet rijk rekenen....
De Volkskrant wil ook vraagtekens zetten bij de legitimiteit van het gemeentebestuur, na een opkomst van 53%. Ook dat vind ik niet terecht: Als je niet gaat stemmen om reden dat je niet wilt, hou je de rest van de periode je mond. Klaar. Het is niet mogelijk om je stemming niet te communiceren.
Wat heel lastig lijkt is de grote versnippering die optreedt. Maar heeft dat juist ook geen voordelen? Er zijn veel keuzes van samenwerken mogelijk, zonder dat er een team in het team hoeft te ontstaan. Kleinere fracties hebben misschien wel scherpere kantjes maar zijn beslist minder onbeweeglijk. Het is bijna alsof je een ploeg formeert, zonder er rekening mee te hoeven houden dat die liever de pass van die krijgt.
Ik had het over mogelijkheden: er komen een heleboel onervaren raadsleden naar voren. Ik ben beschikbaar om een traject naar politieke en bestuurlijke groei te begeleiden.
En misschien nog interessanter is mijn nieuwe advertentietekst:
"Ervaren teamcoach beschikbaar als facilitator bij coalitieforming, storming, norming en performing."
Mensen en teams bijeen brengen. Gaat lukken. De M&M's breng ik mee.
donderdag, maart 04, 2010
SWART™
Een van mijn belangrijkste werktuigen is mijn vinger. Vooral in bevochtigde toestand heb ik er erg veel aan.
Hoe lever je een bewijs, dat ergens vooruitgang in zit? Gewoon SMART plannen, zegt mijn omgeving vaak. Meten is weten. Laten we het ezelsbruggetje eens overlopen: Specifiek: OK; centraal staat een bepaald aspect van het leven of van basketball...snap ik. Meetbaar: met een centimeter, een weegschaal of door te tellen. Aantrekkelijk: Altijd! Realistisch: als in uitgaande van de realiteit. De realiteit is wat NU is en of een doel realistisch is kun je dus pas STRAKS zeggen. Ik hou het maar op optimistisch! Dromen, durven en als het niet klopt heb je in elk geval van een positieve werkhouding genoten. Tijdsgebonden: wanneer meet je weer?
Op het begrip meetbaar, waar het hele idee op is gebaseerd wil ik toch nog wel even stil staan. Voor mij volstaat als bewijs voor verbetering: opinie, nattevingerwerk.
Als iets niet te meten valt is het toch waar te nemen. Als iemand anders het ook waarneemt, versterkt dat de waarde van je eigen waarneming. Dus de frisse blik van Karine, terug van Curacao, die waarneemt dat de coördinatie van de meiden die zij een jaar geleden voor het laatst op training heeft meegemaakt, is verbeterd, versterkt mijn mening daarover.
Ik heb het al vaak gezegd: als het niet SMART kan doe het dan maar SWART.
En nu bedenk ik opeens iets: Voordat dat begrip opduikt in een of andere scriptie of dissertatie is het misschien wel goed om het vast te leggen, als merk, bedoel ik. Na geregistreerde begrippen als Huh? en Jamaar™, is er nu “SWART™” (en nu ik toch bezig ben meteen maar "Nattevinger©")
Hoe lever je een bewijs, dat ergens vooruitgang in zit? Gewoon SMART plannen, zegt mijn omgeving vaak. Meten is weten. Laten we het ezelsbruggetje eens overlopen: Specifiek: OK; centraal staat een bepaald aspect van het leven of van basketball...snap ik. Meetbaar: met een centimeter, een weegschaal of door te tellen. Aantrekkelijk: Altijd! Realistisch: als in uitgaande van de realiteit. De realiteit is wat NU is en of een doel realistisch is kun je dus pas STRAKS zeggen. Ik hou het maar op optimistisch! Dromen, durven en als het niet klopt heb je in elk geval van een positieve werkhouding genoten. Tijdsgebonden: wanneer meet je weer?
Op het begrip meetbaar, waar het hele idee op is gebaseerd wil ik toch nog wel even stil staan. Voor mij volstaat als bewijs voor verbetering: opinie, nattevingerwerk.
Als iets niet te meten valt is het toch waar te nemen. Als iemand anders het ook waarneemt, versterkt dat de waarde van je eigen waarneming. Dus de frisse blik van Karine, terug van Curacao, die waarneemt dat de coördinatie van de meiden die zij een jaar geleden voor het laatst op training heeft meegemaakt, is verbeterd, versterkt mijn mening daarover.
Ik heb het al vaak gezegd: als het niet SMART kan doe het dan maar SWART.
En nu bedenk ik opeens iets: Voordat dat begrip opduikt in een of andere scriptie of dissertatie is het misschien wel goed om het vast te leggen, als merk, bedoel ik. Na geregistreerde begrippen als Huh? en Jamaar™, is er nu “SWART™” (en nu ik toch bezig ben meteen maar "Nattevinger©")
zondag, februari 28, 2010
Hoogtepunten
Het is natuurlijk al weer een poosje geleden. Maar wat was het mooi om Tuitert voor zijn race op het bankje te zien zitten en de race alvast te zien doen. Elke slag maakte hij in zijn hoofd en met zijn hoofd. Ik had hier net zo graag en lang naar willen kijken als naar de werkelijke slagen, die -voor mij in elk geval verrassend- tot goud leidden.
De visualisatie van dit soort mannen duurt bijna exact zo lang als de werkelijke race. Ik heb Wennemars wel eens getimed zien worden op de totale beleving. Dat klopt. Natuurlijk is dat ook belangrijk. Je kijkt omhoog na dat je over de streep bent gekomen en dan staat er ook 1. Tuitert. NED op het bord. Gianni Romme schijnt voor dit soort dingen te realistisch te zijn geweest, als schaatser in elk geval. Hij kon niet visualiseren zonder misslagen, die hoorden nu eenmaal bij hem.
Dat brengt me meteen bij een ander hoogtepunt. Ook dat gaat over focus. Romme's pupil Anni valt over de streep in de ploegachtervolging maar kan de tegenwoordigheid van geest opbrengen om haar voet naar voren te schoppen, wat de Duitsers net in de finale brengt. Ik denk niet dat ze dat gevisualiseerd heeft, van te voren. Mooi was dat.
En op het minst hoge punt wil ik niet te diep ingaan. Zoiets is weer aanleiding tot andere hoogtepunten: Zie dominee Gremdaat en zie, nog mooier, de foto op de voorpagina van de Volkskrant een dag later. Als je die niet meer hebt, kom je maar bij ons op de koelkast kijken. Wij doen hem nog lang niet weg.
De visualisatie van dit soort mannen duurt bijna exact zo lang als de werkelijke race. Ik heb Wennemars wel eens getimed zien worden op de totale beleving. Dat klopt. Natuurlijk is dat ook belangrijk. Je kijkt omhoog na dat je over de streep bent gekomen en dan staat er ook 1. Tuitert. NED op het bord. Gianni Romme schijnt voor dit soort dingen te realistisch te zijn geweest, als schaatser in elk geval. Hij kon niet visualiseren zonder misslagen, die hoorden nu eenmaal bij hem.
Dat brengt me meteen bij een ander hoogtepunt. Ook dat gaat over focus. Romme's pupil Anni valt over de streep in de ploegachtervolging maar kan de tegenwoordigheid van geest opbrengen om haar voet naar voren te schoppen, wat de Duitsers net in de finale brengt. Ik denk niet dat ze dat gevisualiseerd heeft, van te voren. Mooi was dat.
En op het minst hoge punt wil ik niet te diep ingaan. Zoiets is weer aanleiding tot andere hoogtepunten: Zie dominee Gremdaat en zie, nog mooier, de foto op de voorpagina van de Volkskrant een dag later. Als je die niet meer hebt, kom je maar bij ons op de koelkast kijken. Wij doen hem nog lang niet weg.
Abonneren op:
Posts (Atom)